Lijnbaan en touwbaan

Op 23 april 1611 kregen de lijndraaiers Mees Cornelisz, Louris Teunisz en Michiel Jacobsz ieder een stuk grond in erfpacht waarop ze een touwbaan begonnen. De banen zijn enkele keren doorverkocht en uiteindelijk in 1706 per veiling te koop aangeboden. Zo komen zij in handen van de reder Abraham van der Linden wiens dochter Alida in 1755 trouwt met ene Hendrik van den Heuvel. Deze familie Van Linden van den Heuvell zal tot in de 20e eeuw het bedrijf leiden. Tot het jaar 1851, toen de opstallen van de Oude Lijnbaan als gevolg van financiële problemen verkocht moesten worden. De dalende lijn zet zich voort. In 1863 gaat Abraham van Linden van den Heuvell een compagnonschap aan met Wouter de Vlaming. Hier rust geen zegen op van de vrouw van Wouter de Vlaming. In 1867 scheiden hun wegen. In 1870 koopt Johan George van Linden van den Heuvell de eerder verkochte gebouwen weer terug. Het werk op de touwslagerij is erg afhankelijk van de weersomstandigheden, het is immers een open baan met bomen aan weerszijden. Als zijn schoonvader, firmant in de Schiedamse touwslagerij Visser & Van Leeuwen, overlijdt, koopt hij het bedrijf, liquideert het en laat de unieke overkapping verplaatsen naar Vlaardingen. De productie neemt toe, net als de winst. Tijdens een uit de hand gelopen woordenwisseling met de baas van de spinnerij, wordt de toenmalige directeur J.H. van Linden van den Heuvell op de tiende juni in 1916 neergestoken. Na een ziekbed van enkele weken is hij weer opgeknapt. Inmiddels zijn al veel taken overgenomen door allerlei machines. De fusie van een aantal kleine touwfabriekjes tot de N.V. Verenigde Touwfabrieken vormt een stevige concurrentie. Samenwerking is vereist. In 1920 fuseert van Linden van den Heuvell uiteindelijk met de Brielse firma J. Hofland & Zn. De N.V. De Oude Lijnbaan wordt op 4 maart 1921 opgericht. Door allerlei externe factoren gaat het slechter en slechter met het bedrijf. In 1928 verkoopt J.H. van Linden van den Heuvell zijn bedrijf. De nieuwe eigenaar wordt P. van der Lee uit Oudewater. En dan komt in 1937 Arie Thurmer. Deze voormalige kantoorbediende bij Hoogendijk Wijnimport zal het later tot directeur schoppen. De Tweede Wereldoorlog zorgt voor een tijdelijke stopzetting van de productie. Hierna neemt men de draad weer op. In 1955 besluit men het bedrijf te moderniseren. Een nieuwe, zogenaamde ‘harde vezel spinnerij' verreist. Ook de baan zelf wordt vernieuwd, waardoor er touw met een maximum dikte van 22 duim (= 176 mm diameter) kan worden vervaardigd. De vraag naar steeds dikkere trossen voor de groter wordende schepen dwingt het bedrijf tot de aanschaffing van zwaarder materieel. Men installeert een oude vlechtmachine en begint uit manillagarens 8-strengs gevlochten trossen te maken. Het bedrijf floreert mede dankzij de nieuwe kunstvezel polypropyleen, ‘Polyfilene', dat een groot succes wordt, mede omdat het veel sterker is, niet kan rotten en blijft drijven. De Oude Lijnbaan gaat uiteindelijk geheel op in de Vereenigde Touwfabrieken. Machines en verdere inventarisonderdelen gaan naar de Vereenigde Touwfabrieken in Maassluis. Enkele jaren later sluit dit bedrijf haar deuren. Dat betekent het definitieve einde van de Vlaardingse touwslagerij.